Journalistenpensioen

Loontrekkende beroepsjournalisten (niet de freelancers) krijgen, wanneer ze met pensioen gaan, een meer dan aardig extraatje in de vorm van een aanvullend pensioenbedrag.

Bij een volledige beroepsloopbaan in de journalistiek gaat het om 1/3 van het gewone pensioen dat erbij komt. Dat veronderstelt dan wel dat de werkgever tegemoet komt aan zijn wettelijke plicht om 3 procent extra sociale bijdrage te betalen aan de RSZ, waarvan 1 procent voor rekening komt van de journalist zelf.
 

Waarop letten? 

  • Van zodra je én loontrekkende én erkend beroepsjournalist bent, moet je werkgever de extra RSZ-bijdrage betalen. Pols bij de personeelsdienst of alles in orde is en ga op je loonfiche na of de bijkomende inhouding van 1 procent op je eigen brutoloon gebeurt. 
  • De Erkenningscommissie speelt nieuwe erkenningen in elk geval automatisch door aan de betrokken werkgever. De werkgevers ontvangen verder bij elke vijfjaarlijkse hernieuwing van de persdocumenten de geactualiseerde lijst van alle beroepsjournalisten in hun bedrijf.
  • Let hier ook op wanneer je van werkgever verandert. Het aanvullend journalistenpensioen wordt (sinds 1972) enkel toegekend voor de beroepsjaren waarin de aanvullende RSZ-bijdrage werd betaald.

 

 Meer info omtrent het aanvullend pensioen voor journalisten